Studenten onderzoeken in de wijk Meulenberg in Houthalen-Helchteren de natuurlijke, levende elementen, zoals water, bomen en bossen, maar ook bezette ruimtes van huisvesting, belangrijke kruispunten... breed genomen: de open ruimtes. Op basis hiervan willen ze vat krijgen op de natuurlijke en aangelegde elementen waaruit de wijk opgebouwd is en hoe deze met elkaar een wisselwerking vertonen. Kijkend naar het gebruik, merken ze op dat sommige open gebieden beter functioneren dan andere. De ene straat zal bv. beter zijn functie vervullen dan de andere. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld de hoofdstraat, die nog steeds zeer veel gebruik kent, ten opzichte van een straat die vroeger de achtertuinen verbond. Wat ook opvalt is de ‘’how to deal with problems of simplicty’’ of wanneer slechts twee variabelen in aanmerking worden genomen voor stadsplanning, zoals vroeger wel vaker het geval was. Een voorbeeld hiervan is het aantal woningen en het aantal inwoners per oppervlakte. Bij de originele wijk zien we dat er simpelweg zoveel mogelijk huizen voorzien moesten worden voor de werkers van de mijn. Verder moesten er enkele simpele en noodzakelijke voorzieningen zijn zodat de stad leefbaar zou zijn.